‘We investeren veel tijd, maar hoeven er niets voor terug’

Leestijd: 6 minuten

Armand van Wijck

Op 16 mei reikte ASML voor de tweede keer de Makers Award uit voor studenten van de TU Eindhoven. Het bedrijf wil hiermee de verdere groei van de maakindustrie steunen en helpt de wedstrijdwinnaars met de realisatie van hun concept tot een marktrijp product. ‘We azen niet op patenten, contracten en licenties. Het enige dat we willen is de maakindustrie een stapje verder helpen’, zegt de chip­machinefabrikant, al blijkt het concept wel degelijk ook een positief effect voor ASML te hebben.

Hank Oosterbaan is wereldwijd verantwoordelijk voor de arbeidsmarktcommunicatie van ASML en eindverantwoordelijke voor de ASML Makers Awards. ‘We zijn vorig jaar gestart met deze prijzen omdat we jonge, startende ondernemingen willen steunen en andere partijen willen inspireren om slim te produceren in eigen regio’, vertelt hij. ‘De maakindustrie vinden wij een belangrijke pijler in het internationaal zakendoen en concurreren met andere landen. De aandacht voor deze industrie begint al bij het stimuleren van studenten. Maar ook professionals en ondernemers willen we hiermee aansporen om hun concepten, bij voorkeur in de Brainport-regio, daadwerkelijk te produceren.’

Eén van de drie toekenningen (zie kader) is daarom gekoppeld aan de TU/e Contest, die zicht richt op de opleidingen van deze universiteit. De ideeën waarmee studenten komen, variëren van apps tot een nieuw soort muziekinstrument. Oosterbaan: ‘Drie vragen staan centraal in onze selectie: is het een product of idee waar ook daadwerkelijk vraag naar is, is het technisch haalbaar en is het financieel haalbaar?’

Belangrijk voor de winnaars is dat ze volledige ondersteuning krijgen van ASML. Oosterbaan: ‘Veel initiatieven en wedstrijden draaien om financiële steun, maar wij zetten naast een geldprijs ook onze expertise en ons netwerk in om de concepten verder door te ontwikkelen met de student aan het roer. We investeren veel tijd, maar hoeven er niets voor terug. We azen niet op patenten, contracten en licenties. Het enige dat we willen is de maakindustrie een stapje verder helpen.’

Volgens Oosterbaan leveren de Makers Awards ASML zelf ook nog onverwacht iets positiefs op: de ingenieurs die hun expertise inbrengen, raken op deze manier betrokken bij nieuwe technologieën en concepten waarvoor ze regelmatig moeten uitwijken naar onconventionele werkwijzen. ‘Binnen een groot bedrijf als het onze zijn vaak al tal van standaardoplossingen gedefinieerd. Nu krijgen we te maken met een compleet nieuw product waarvoor die er niet zijn. De oplossingen die we daardoor tegen het lijf lopen, kunnen we vervolgens toepassen in ons eigen werkveld. Verder brengt het ons ook op het spoor van nieuwe leveranciers en toepassingen die we anders over het hoofd hadden gezien.’

Enna Rizvic won afgelopen maand de tweede TU/e Contest. Zij gebruikte het eindproject van haar bachelor industrieel ontwerp als inzending. Haar ontwerp Digital Garden is bedoeld voor mensen die door bijvoorbeeld ziekte of ouderdom niet tot nauwelijks nog naar buiten kunnen en sociale interactie missen. ‘Ik wil de buitenwereld voor deze mensen naar binnen halen’, aldus Rizvic. Dit gebeurt middels twee kommetjes die via het internet met elkaar verbonden zijn. ‘Er zit een led in het kommetje met daarin een chip, verbonden met het internet’, licht ze toe. ‘Op basis van big data-analyse wordt de kleur bepaald die de led moet krijgen.’ In de kommetjes zit een netje dat gaat bewegen zodra iemand anders zijn of haar kommetje aanraakt. Het is een manier om de ander te laten weten dat je aan diegene denkt. Daarnaast verandert het kommetje van kleur, afhankelijk van de emotionele lading van e-mails of sms’jes die binnenkomen van de andere persoon.

Rizvic kwam op het idee voor haar project door persoonlijke omstandigheden. ‘Ik wilde de zieke moeder van een vriend van mij hiermee helpen. Maar het product is uiteindelijk interessant voor alle mensen die hun digitaal contact een extra dimensie willen geven. Denk bijvoorbeeld ook aan mensen met een lange-afstandsrelatie en reizigers.’

ASML zal Rizvic verder helpen met de vorm, productie en vermarkting van haar ontwerp. Voor de ict krijgt ze hulp van Accenture, waarvan ze ook een prijs heeft gewonnen. ‘Over een paar maanden moet er een professioneel prototype klaar zijn dat ik kan presenteren op de Dutch Design Week.’ Het ontwerp bestaat nu uit twee kommetjes, in de toekomst wil Rizvic geen kommetjes, maar twee vormen die mooi in elkaar passen en gebruikmaken van warme materialen. ‘Ik denk aan keramiek, dat maakt het fijner om aan te raken.’

Floris Bouwmans (BSc) studeerde werktuigbouwkunde aan de TU/e en won in 2015 de eerste TU/e Contest. Hij ontwierp een meetinstrument waarmee fysiotherapeuten objectief de kracht in de intrinsieke handspieren – de kleine spieren voor de fijne motoriek van hun revaliderende patiënten – kunnen bepalen. Fysiotherapeuten bepalen deze werking vaak op basis van handmatige tests. De patiënt knijpt in de handen van de therapeut terwijl die weerstand geeft. Op basis daarvan concludeert de therapeut wat de spierkracht ongeveer moet zijn.

Het apparaat van Bouwmans probeert deze test objectief te maken door de kracht van deze spiergroepen exact te meten. Het ziet eruit als een groot, plat kussen van licht metaal, waar de patiënt in moet knijpen. Door de vervorming in het metaal te detecteren, meten twee krachtsensoren in het apparaat de kracht die de patiënt erop uitoefent. Bouwmans: ‘Tijdens het doorontwikkelen van mijn prototype heb ik de sensoren aangepast aan het gewicht en de omvang van het apparaat.’ Via een app op bijvoorbeeld tablet of smartphone maakt de therapeut verbinding met het apparaat en leest de meetgegevens af. De patiënt knijpt drie keer 8 s met de linkerhand en vervolgens met rechts. Het apparaat registreert de maximale kracht die is geleverd en middelt dat over de drie pogingen.

Ook Bouwmans’ idee kwam deels tot stand door persoonlijke ervaringen. ‘Ik heb een motorongeluk gehad en moest acht maanden revalideren. Had ik ook de kleine stapjes die ik maakte ergens aan kunnen afzien, dan had het mij nog meer gemotiveerd om door te zetten.’ Overigens denkt Bouwmans dat ook verzekeraars baat zullen hebben bij zijn apparaat. ‘Zij krijgen straks meer inzicht in welke behandelmethoden het beste werken.’

Bij zijn aanmelding voor de wedstrijd vorig jaar had Bouwmans al een werkend prototype klaarliggen. Na de wedstrijd vroeg hij allereerst een patent aan, om te ervaren hoe dat proces in zijn werk gaat en om een stukje zekerheid in te bouwen. Met behulp van ASML leerde hij om professioneel te communiceren en kwam hij in aanraking met het netwerk en de ingenieurs van ASML die hem hielpen met het maken van nog twaalf andere prototypes. Bouwmans: ‘Met ASML schreef ik mijn hele concept op een goede, gedetailleerde manier op zodat ik op de juiste manier kon communiceren met alle betrokken partijen. Iedereen kreeg hierdoor de juiste specificaties in handen, waardoor ik alles meteen correct kon toetsen en de verschillende onderdelen goed in elkaar vielen.’

De award droeg ook bij aan de carrièrestap die Bouwmans kort daarna maakte. ‘Ik heb rondgekeken naar masteropleidingen, maar deze richten zich vaak met name op onderzoek en ik ben erg praktisch ingesteld. Ik wilde altijd al een eigen onderneming beginnen, maar het moment was nooit daar. De award en het vervolgtraject gaven me net dat extra duwtje in de rug dat ik nodig had.’

Bouwmans is inmiddels klaar voor de volgende fase van zijn product. ‘Een vriend van mij die momenteel afstudeert als fysiotherapeut zal voor zijn afstudeeronderzoek de inter- en intra-betrouwbaarheid van de metingen bepalen.’ Daarnaast is hij in de weer geweest met subsidieaanvragen en heeft hij adviseurs gevonden om hem te helpen met de marketing. Ook moet hij zich nog ontfermen over de juridische aspecten van de gezondheidszorg. ‘Het apparaat wordt gebruikt bij diagnoses en moet dus gevalideerd worden. Als de resultaten daarvan goed zijn, kan ik er pas echt mee naar de markt.’

In 2015 startte ASML met het uitreiken van drie verschillende Makers Awards die ieder gekoppeld zijn aan een fase in de productontwikkeling en waarmee het bedrijf de winnaars helpt hun producten marktrijp te maken.
• De TU/e Contest. Voor studenten met realiseerbare ideeën die in een behoefte of vraag voorzien en die zich nog in de conceptfase bevinden.
• De Smart-design-to-market award. Voor producten die middenin de ontwerpfase zitten.
• De Young Makers Award. Voor ondernemers die al een concreet product hebben of in de laatste fase van hun productontwikkeling zitten.

Lees ook

Nieuwsbrief
* indicates required