Rechten voor kunstmatige intelligentie?

Leestijd: 4 minuten

Gerald Schut

Wat als kunstmatige intelligentie zelf uitvindingen doet? Verdient een algoritme dan intellectueel eigendomsrecht voor zijn creaties? Voor welke uitdagingen plaatsen zelflerende autonome systemen ons recht? Professor Peter Blok (UU) weet er alles van.

Innovaties op het vlak van robotica, kunstmatige intelligentie, big data analyse en machine learning roepen nieuwe fundamentele vragen op voor intellectueel eigendomsrecht. Tijdens het 3i evenement van TW in Eindhoven (www.3i-event.com) zal Peter Blok zich op 18 april buigen over dit soort vragen. Abonnees van TW krijgen 50 euro korting. Hieronder alvast een voorproefje.

‘De groeiende rol van kunstmatige intelligentie (ki) is juridisch buitengewoon interessant. Systemen die autonome beslissingen nemen roepen vragen op over de verdeling van verantwoordelijkheden. Aan de negatieve kant zijn dat vragen over aansprakelijkheid en transparantie. Wie is verantwoordelijk voor schade? En zijn beslissingen nog wel uit te leggen? Aan de positieve kant gaat het over de vraag hoe je de vruchten van autonome intelligentie maatschappelijk verdeelt. Als een entiteit zelfstandig mooie dingen uitvindt, aan wie komen dan de rechten toe?’

‘Dat is nu ook vaak al moeilijk te beoordelen. De vraag is altijd: zou de gemiddelde vakman met een gemiddelde gereedschapskist dit hebben kunnen bedenken? Je kunt niet in het hoofd van een vakman kijken, maar je kunt wel proberen te objectiveren wat een vakman zou doen. Op dezelfde manier kun je proberen een beeld te krijgen van de mogelijke resultaten van ki. Als je weet dat bepaalde systemen in een sector gebruikelijk zijn, kan je concluderen dat de resultaten van zo’n systeem misschien te veel voor hand liggen.’

‘Ja, als systemen gangbaar worden komt de lat komt inderdaad hoger te liggen. Als iedereen een slimme toolbox gebruikt, gaat de norm omhoog. Als je iets heel slims bedenkt zonder die toolbox, terwijl die uitvinding met de toolbox voor de hand ligt, is dat niet octrooieerbaar. Als je een heel slimme toolbox gebruikt die anderen niet hebben of een standaard toolbox op een slimme manier inzet, is er wel ruimte voor octrooibescherming. Mijn boodschap is vooral dat systemen een instrument zijn in de hand van de mens om dingen mee te maken. Bij de huidige stand van de techniek zijn systemen nooit volledig autonoom.’

‘Dat is echt nog science fiction. Maar als iets door iets gecreëerd wordt zonder menselijke betrokkenheid, ligt het voor de hand om dat in het publieke domein te houden. Net zoals de oplossingen die de natuur vindt: die zijn van niemand in het bijzonder.’

‘Dat is een ingewikkelde vraag. De ki in een zelfrijdende auto bestaat bijvoorbeeld uit heel veel verschillende delen zoals een database met trainingsdata en een beslismodel dat getraind wordt. Op onderdelen is intellectueel eigendomsrecht beschikbaar. De inventieve functionaliteit van in een apparaat geïmplementeerde software is octrooieerbaar. En software zelf valt auteursrechtelijk te beschermen. Dat is een politieke keuze. Europa dacht dat software binnen het octrooisysteem de innovatie te veel zou belemmeren. Octrooibescherming is sterker. Bij auteursrecht pleeg je alleen inbreuk als je iets van een ander overneemt, niet als je zelfstandig op hetzelfde bent uitgekomen.’

‘De trend bij het denken over zelfrijdende auto’s is, dat de verantwoordelijkheid voor de gevolgen voor bepaalde risico’s ligt bij degene die die risico’s kan beïnvloeden. Dat is uiteindelijk vaak de producent van de auto.’

‘Dat is een ontwikkeling die we sowieso zien. Voor het maken van een smartphone heb je volgens schattingen honderdduizend octrooien nodig. Het is koffiedik kijken of door ki soortgelijke situaties ontstaan in andere markten. Er is veel discussie over dit deel van het octrooirecht. Geeft een octrooi je een exclusief recht om iets te maken, waardoor je anderen onder alle omstandigheden kunt verbieden een techniek te gebruiken, of moeten andere partijen tegen betaling van een licentievergoeding ook gebruik mogen maken van de technologie? Het Europees Hof van Justitie oordeelde bijvoorbeeld in een zaak over standaarden voor 4G, dat een octrooihouder misbruik van zijn machtspositie maakte als hij met zijn octrooi concurrenten uit de markt duwde. Hij moet eerst licenties aanbieden. Dit wordt van geval tot geval beoordeeld.’

‘Ik ben daar sceptisch over. In welk kader zou je die rechten toekennen? Je doet zoiets met een specifiek doel. Uiteindelijk zal je voor een octrooi of aansprakelijkheid altijd bij de maker van een algoritme terecht komen. Door er een robot met rechtspersoonlijkheid tussen te plaatsen, verleg je het probleem alleen. Immers: hoe ga je je straks je recht halen bij een robot met rechtspersoonlijkheid? Wie vergoedt de schade door een zelfrijdende auto? Dat kan niet de auto zelf zijn.’

‘Dieren hebben een zekere autonomie van handelen. De vraag is of ze daarmee auteursrecht kunnen claimen. Als je een aap eenvoudigweg een camera geeft en hij daar zelf daadwerkelijk een leuke foto mee maakt, is er iets voor te zeggen om auteursrechtelijke bescherming uit te sluiten. Maar als mensen heel lang bezig zijn met maken van een opstelling of het trainen van een dier, lijkt het me meer voor de hand liggen om het auteursrecht bij de mens te leggen.

Toen de camera net werd uitgevonden vond men ook dat foto’s niet auteursrechtelijk te beschermen waren. Een camera reproduceert immers eenvoudigweg de werkelijkheid. Enkel op de knop drukken is nu niet voldoende voor auteursrecht, maar als je bijzondere dingen doet met zo’n apparaat dat tot ieders beschikking staat, kun je dat wel krijgen.’

‘De inzet van slimme systemen zal gevolgen hebben voor de werkwijze van octrooibureaus. Nu zit alle kennis over ki bij de afdeling ki. Maar als straks het gebruik van ki in allerlei vakgebieden gemeengoed wordt, is kennis over ki ook nodig bij de beoordeling van octrooiaanvragen op die andere vakgebieden . Dan wordt ki bijvoorbeeld opeens ook deel van de gereedschapskist van de beoordelaar van octrooiaanvragen in de farmacie.’

2016 – nu hoogleraar Octrooirecht en privacy aan het Centrum voor Intellectueel Eigendomsrecht (CIER) van de Universiteit Utrecht

2015 – nu Raadsheer in het team handel van het gerechtshof Den Haag

2007 – 2015 Rechter in de rechtbank Den Haag

2002 – 2007 Advocaat bij Houthoff Buruma 

1997 – 2002 Promotie aan de Universiteit Tilburg 

1991 – 1997 Studies rechten en filosofie aan de Universiteit Leiden

Lees ook

Nieuwsbrief
* indicates required