Ook Nasa gaat planetoïde bemonsteren

George Beekman

De VS gaat, in navolging van Japan, bodemmateriaal van een planetoïde halen.

De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie Nasa laat daartoe door Lockheed Martin Space Systems in Denver, Colorado, een ruimtesonde bouwen. OSIRIS-REx (Origins, Spectral Interpretation, Resource Identification, Security-Regolith Explorer) wordt in september 2016 met een Atlasraket gelanceerd en komt in oktober 2020 aan bij planetoïde 1999 RQ36.

 

Dit 580 meter grote rotsblok draait in 1,2 jaar om de zon en dateert uit het prille begin van het zonnestelsel. De ruimtesonde moet de planetoïde meer dan een jaar lang op een afstand van enkele kilometers vergezellen en gedetailleerd in kaart brengen. Dat gebeurt met een camera, twee spectrometers een een laser-hoogtemeter. Daarna daalt hij af en maakt met zijn robotarm contact met het oppervlak.

 

De Japanse ruimtesonde Hayabusa zou in 2005 materiaal van planetoïde Itokawa losmaken door een kogeltje in het oppervlak te schieten. Dat mechanisme weigerde echter, hoewel er tijdens het bodemcontact toch stofdeeltjes werden opgevangen. Bij OSIRIS-REx wordt de bodem losgewoeld via een straaltje stikstofgas. Zo hoopt men minstens zestig gram gruis en stof op te vangen, dat in een capsule wordt opgeborgen.

 

Deze capsule wordt daarna terug naar de aarde gebracht. In september 2023 zou hij aan een parachute in de Amerikaanse staat Utah moeten landen. Het kostbare materiaal van 1999 RQ36 wordt dan in Nasa’s Johnson Space Center in Houston uit de capsule gehaald. OSIRIS-REx is het derde project van Nasa’s New Frontiers programma. Het is, zonder de lancering, begroot op 800 miljoen dollar.

Lees ook

Nieuws brief
* indicates required