Onderzoekers moeten elkaar leren ondernemen

Christian Jongeneel

Valorisatie STW en Syntens hebben het initiatief genomen tot een aantal workshops waarin onderzoekers vooral van elkaar moeten leren hoe hun resultaten te vermarkten.

Technologiestichting STW en Syntens, het innovatienetwerk voor ondernemers in het mkb, lanceerden vorige week hun ‘Academy for Entrepeneurship’. Een reeks van vier workshops wordt het eerste wapenfeit. Deze zijn bedoeld voor onderzoekers die een zogeheten Fase-1 Valorisation Grant ontvangen hebben, een beurs van 25.000 euro die specifiek bedoeld is voor een haalbaarheidsonderzoek te verrichten naar de commerciële mogelijkheden van een door hen gedane technische vondst.

 

‘De universiteiten doen op dit vlak ook het nodige’, vertelt dr. Wouter Segeth van STW. ‘Toch merken we dat het lang niet altijd goed gaat. Onderzoekers zijn weliswaar zeer gemotiveerd – anders hadden ze de beurs niet aangevraagd – maar toch bestaat de indruk dat ze teveel in het lab zitten en te weinig bij de klant. Er valt immers altijd nog wel iets technisch te verbeteren.’

 

STW en Syntens hebben vooraf met de drie technische universiteiten overlegd over nut en noodzaak van een eigen opleiding in ondernemerschap. De meerwaarde moet vooral komen uit de interactieve opzet van de workshops. De deelnemers krijgen niet alleen lezingen van deskundigen, maar moeten vooral samen aan de slag, om van elkaar te leren.

 

‘Momenteel is er geld gereserveerd voor één jaar’, aldus Segeth. ‘Het idee is echter wel om er een activiteit voor de lange termijn van te maken. We willen dan samen met de universiteiten ook workshops organiseren voor ontvangers van de Fase-2 Valorisation Grant.’

 

Die beurs, maximaal 200.000 euro groot, is bedoeld om na het haalbaarheidsonderzoek een proof-of-concept of prototype tot stand te brengen. Voor de verdere ontwikkeling moet de onderzoeker het geld dan uit de markt kunnen halen. Aan de lijst met toekenningen van de laatste jaren valt op dat de aanvragers meestal senior onderzoekers zijn, die een eigen bedrijfje willen oprichten. Een aanzienlijk deel van die bedrijfjes valt onder de biotech en de medische technologie.

 

Bekende ontvangers van de beurs zijn het Utrechtse Milabs, dat vorige week een geavanceerde scanner voor medisch onderzoek verkocht aan Purdue University, en het Twentse Recore, dat signaalverwerking voor digitale televisie aan de man brengt. Ook het Bredase ingenieursbureau Actiflow, een spin-off van de TU Delft, profiteerde ooit van de regeling.

 

Als programma bestaat de Valorisation Grant sinds 2004. Het wordt gefinancierd door STW en andere organisaties die toegepast onderzoek stimuleren, zoals NanoNed en ICT-Regie. De hoop is het vaak geconstateerde gat te dichten tussen onderzoek en bedrijfsleven, waar Nederland meer dan bijvoorbeeld de Verenigde Staten last van heeft. Veel technische kennis blijft op de plank liggen, omdat de laatste stap naar vermarkting achterwege blijft.

 

De Valorisation Grant is gebaseerd op het Small Business Innovation Research (SBIR) programma van de Amerikaanse overheid. Dat programma is de inspiratiebron voor meer vergelijkbare activiteiten in Nederland van onder andere SenterNovem (voor maatschappelijk ondernemen in het mkb en voor technostarters) en TNO (een intern valorisatieprogramma).

Lees ook

Nieuws brief
* indicates required