Nieuwe unit malariaonderzoek voor UMC St Radboud

Mischa Brendel

Het UMC St Radboud heeft op 18 mei haar nieuwe malaria-unit geopend. De nieuwe onderzoeksfaciliteit in Nijmegen vervangt de oude niet, maar is bestemd voor aanvullend malariaonderzoek.

Jaarlijks raken er wereldwijd honderden miljoenen mensen besmet met het malariavirus; naar schatting sterven er elk jaar één miljoen mensen aan de infectieziekte. Het UMC St Radboud in Nijmegen beschikt al meer dan twintig jaar over een onderzoekslaboratorium waar malariamuggen worden gekweekt en geïnfecteerd met de malariaparasiet. Dit malarialab is inmiddels een van de belangrijkste instituten ter wereld waar zowel fundamenteel als klinisch onderzoek wordt gedaan naar malaria.

 

Om het onderzoek uit te breiden, liet het UMC St Radboud een tweede, grotere en meer geavanceerde malariaonderzoeksfaciliteit bouwen op het dak van het Centraal Dierenlaboratorium. In het nieuwe lab kunnen onderzoekers parasieten kweken volgens de richtlijnen voor good manufacturing practice, een wettelijk verplichte kwaliteitsnorm voor de productie en het toedienen van medicijnen.

 

De nieuwe malaria-unit telt vier klimaatkamers, een dissectieruimte, een vijftal labruimtes en nog enkele aanvullende kamers, waaronder een opslagruimte en een spoelkamer. In de klimaatkamers heersen temperaturen van 21, 26 en 30 graden Celsius en een luchtvochtigheid van tachtig procent om de malariamuggen te kweken. Voor de klimaatkamers bevindt zich een luchtsluis en een interlocksysteem om te voorkomen dat er muggen kunnen ontsnappen.

 

‘In de nieuwe labruimte is alles wit’, vertelt Jack Brokmann, adviseur productgroep vastgoed en infrastructuur van het UMC St Radboud. ‘Zelfs de stoelen zijn wit, zodat een mug altijd gevonden kan worden.’ Bij dergelijk onderzoek is het van essentieel belang dat er geen geïnfecteerde muggen ontsnappen. Wanneer onderzoekers aan het werk gaan met geïnfecteerde malariamuggen moeten zij zowel vooraf als na afloop het aantal muggen tellen dat ze hebben gebruikt om er zeker van te zijn dat er geen enkele is ontsnapt. ‘Verder hebben we alle naden afgekit en alle luchtafvoeren voorzien van fijn gaas’, vervolgt Brokmann. ‘Bij het bouwen van zo’n lab moet je echt denken als een mug: waar zou ik gaan zitten als ik zo klein was?’

 

De dissectieruimte – waar malariamuggen worden ontleed om de malariaparasieten te oogsten – heeft veel weg van een cleanroom. Overig onderzoek vindt plaats in aparte labruimtes. De labbladen die de onderzoekers gebruiken worden ook van onderen verlicht, ter voorkoming van donkere hoekjes waar muggen kunnen blijven zitten.

 

Nieuwe labfaciliteiten maken het voor de onderzoekers mogelijk om malariaparasieten te kweken die direct bij vrijwilligers geïnjecteerd kunnen worden om te onderzoeken hoe de parasieten zich in deze personen gedragen. Eerder was vrijwillige besmetting alleen mogelijk door proefpersonen te laten prikken door een malariamug.

Lees ook

Nieuws brief
* indicates required