Modulair bouwen als oplossing voor woningtekort

Daiwa House Modular Europe, voorheen bekend als Jan Snel, gaat in Duitsland een fabriek opzetten waar op industriële schaal modulaire woningen geproduceerd kunnen worden. Industrieel bouwer De Meeuw wordt overstelpt met de vraag naar deze snel te realiseren huisvesting. Is modulair bouwen de oplossing voor de grote vraag naar woningen?

‘De tijd herhaalt zich’, zegt Michiel Gieben, marketingmanager van Daiwa House Modular Europe. ‘Na de Tweede Wereldoorlog moesten er ook geïndustrialiseerd woningen worden gebouwd. De bevolking groeide hard en veel moest worden hersteld. Nu zie je ook dat we meer betaalbare woningen moeten hebben en dat dit ook op een geïndustrialiseerde manier moet.’

Daiwa House en De Meeuw zijn bedrijven die daarin specialist zijn. Ze zijn beide ooit begonnen als fabrikant van containerachtige units, bijvoorbeeld om op de bouw in te schaften. Onder de oude naam Jan Snel bracht Daiwa House Modular Europe – het bedrijf uit Montfoort is in oktober door het Japanse Daiwa House Group overgenomen – al tientallen jaren modulaire huisvesting op de markt, net als De Meeuw uit het Brabantse Oirschot.

Beide bedrijven maken modulaire huisvesting op min of meer dezelfde wijze. In een stalen frame van een vaste maatvoering wordt een betonnen vloer gestort. Dit zorgt voor stabiliteit en geeft een kwalitatief goed gevoel. Daar bovenop worden op de vier hoeken stalen staanders en het plafond aangebracht. De buiten- en binnenwanden worden met houtskelet gemaakt. Dit gebeurt allemaal in de fabriek, de afzonderlijke modules worden daarna kant en klaar op de bouwplaats als Lego-blokjes gestapeld.

‘Afhankelijk van het type woning bestaat de huisvesting meestal uit een tot vier modules’, zegt Gé Peters, planontwikkelaar bij De Meeuw. ‘We kunnen de modules voorzien van elke gewenste gevelafwerking. Van binnen zijn ze al zoveel mogelijk afgebouwd. Badkamer en keuken zitten er al in. De vloerbedekking kunnen we er al in leggen, de muren al sauzen. We kunnen zelfs de gordijnen al ophangen.’

Het leidt tot een snelle en gecontroleerde manier van werken, zegt Peters. Zo’n zes maanden heeft De Meeuw nodig om een gemiddelde opdracht van honderd woningen te realiseren, net als bij Daiwa House overigens. ‘En doordat we het hele traject zelf doen, is ons proces heel betrouwbaar en komt de opdrachtgever niet voor verrassingen te staan. Het hele proces is van tevoren al uitgedacht.’

Dat maakt modulair bouwen tot een goede oplossing voor snelle huisvesting nu de druk zo hoog is, toch? Gieben: ‘Dat klopt, maar de druk is nog lang niet hoog genoeg. Er wordt veel gesproken over 1 miljoen te bouwen woningen, maar om nu te zeggen dat andere stakeholders snelheid maken… Denk aan gemeenten die bouwgrond beschikbaar kunnen stellen of vergunningsprocedures kunnen versnellen.’

En dan bestaan er nog vooroordelen over modulaire bouw. Al begint het beeld te kantelen, zegt Gieben, er zijn nog steeds mensen die daarbij eerst denken aan een soort containerwoningen. ‘Waar we vroeger moesten uitleggen dat modulair bouwen een serieus alternatief is, hoeven we dat nu veel minder. Het concept modulair bouwen is wel geland.’

Modulair bouwen verloopt sneller, hergebruik is eenvoudiger en de woningen voldoen aan alle eisen in het Bouwbesluit. Bovendien is veel mogelijk. De Meeuw heeft in Amsterdam zo’n duizend appartementen gerealiseerd toen de hoofdstad in korte tijd ongeveer 5000 woningen nodig had – naast ook verschillende scholen, uitbreiding van een ziekenhuis, en kantoren.

Blikvangers in het portfolio van Daiwa House zijn verschillende projecten in de provincie Groningen. Daar bouwde het bedrijf meerdere woonwijken en verschillende andere woningen – tot rijtjeshuizen van baksteen en puntdak aan toe – voor Groningers die door aardbevingen niet meer veilig in hun eigen huis kunnen wonen.

‘Als er woningvraag is en het moet relatief snel gerealiseerd worden, zowel tijdelijk als permanent. Dat zijn de momenten waarop wij gebeld worden’, merkt Gieben dan ook op. ‘Ook woningcorporaties die duurzaam willen bouwen – en dat moeten ze tegenwoordig allemaal – denken vaak aan modulair bouwen. Remontabel bouwen, waarbij je de woning uit elkaar kunt halen en weer hergebruiken, is een groot voordeel.’

‘Vaak kijken gemeenten, wooncorporaties en institutionele beleggers vanuit het perspectief tijdelijke bouw’, vult Peters aan. ‘Dan kom je al gauw uit bij modulair bouwen. Maar onze woningen zijn weliswaar tijdelijk inzetbaar, maar ze zijn geen tijdelijk product. Aan de andere kant zie ik ook dat onze opdrachtgevers niet meer overgeleverd willen zijn aan de markt. Ze willen het klassieke plaatje van architect tot aan aanbesteden loslaten.’

Vandaar ook dat Jan Snel door Daiwa House Group werd overgenomen en daarna in samenwerking met investeerder Capital Bay een fabriek uit de grond stapt. ‘Daar gaan we op grote schaal industrieel woningen produceren; 20.000 units per jaar. De fabriek zal hoog geïndustrialiseerd zijn met robots. Hout, beton, staal erin, en aan de andere kant komen units eruit rollen. Het is een volgende stap in geïndustrialiseerd bouwen.’

De Meeuw is zo ver nog niet, maar heeft wel onlangs een meer geautomatiseerde productielijn voor de binnenwanden in gebruik genomen. Ook kunnen klanten online een gebouw samenstellen. Het Brabantse bedrijf zegt nu minimaal 20 units per dag te kunnen produceren, oftewel minimaal 5000 stuks per jaar. Dat aantal kan worden verhoogd, als de behoefte er is in de markt.

Eén oplossing voor het woningtekort is er niet. Maar modulair bouwen is wel een deel van de oplossing, en dat wordt door steeds meer opdrachtgevers gezien. Het verschil met nog maar een jaar geleden is groot, zegt Peter. ‘Het is apart dat het sentiment zo snel kan omslaan. Sinds dit jaar worden we weer overladen met aanvragen. Maar nog niet overal. In Amsterdam wordt met modulaire bouw al veel gerealiseerd. In Den Haag en Rotterdam wordt nog weinig met flexwoningen gedaan. In veel steden gaat men nu pas kijken naar het op een andere manier aanbieden van woningen.’

Dat herkent Gieben ook. ‘De vraag stijgt lekker door. Absolute aantallen kan ik niet aangeven, maar er is sprake van forse groei. En aan de andere kant, wij kunnen ze ook produceren. Ik zie steeds meer projecten opgeleverd worden.’ Hij begrijpt het wel. ‘De prijzen van grondstoffen stijgen, de prijs van arbeid stijgt. Door schaalvergroting en door het proces te automatiseren, kun je toch de kosten onder controle houden.’ 

 

Lees ook

Nieuws brief
* indicates required