Haptische robotarm moet ITER beheersbaar houden

Henk Klomp

‘Je ziet het in Japan,’ zegt biomechanicus Frans van der Helm van de Technische Universiteit Delft.

‘Als er iets onverwacht in het reactorvat misgaat, heb je niets aan je automatische systemen, maar het aansturen van de bestaande robotarmen is nog net zo lastig als met een grijper op de kermis een kadootje proberen op te pakken. We gaan daarom robotarmen ogen en oren geven en een gebruiker aan de stuurknuppel laten voelen, wanneer het niet goed gaat.’ 

De Delftenaar slaagde er recent in brandweerlieden met zo’n slimme joystick een robotvliegtuigje heel nauwkeurig door een brandend gebouw te laten manoeuvreren. ‘Het vliegtuigje bepaalde zelf de afstand tot muren, ramen en het vuur. De bestuurder voelde aan de stick wanneer hij dreigde te gaan crashen. Dat werkt uitstekend, want menselijke hersenen verwerken tastinformatie al snel vijf keer zo snel als visuele informatie.’ 

Van der Helm probeert nu, met vijf miljoen overheidssubsidie, zijn techniek in Iterrobotarmen te integreren. In het splinternieuwe Remote Handling Studiecentrum bij FOM Rijnhuizen is de zogeheten Upper Port Launcher (UPC), een apparaat dat met krachtige microgolven plasma’s lokaal kan verhitten, virtueel al compleet gebouwd. De UPC is één van de Iter-componenten waarop het Nederlandse bedrijfsleven wil gaan tenderen. Bezoekers konden tijdens de opening van het centrum zelf met een stuurknuppel uitproberen hoe lastig het is een schroefje of boutje nu met robotarmen op de goede plek in de UPC te krijgen. ‘Een betere stuurknuppel is cruciaal voor het slagen van het project.’ 

Als de fusiereactor Iter aan gaat, kunnen vanwege de radioactiviteit alleen robotarmen nog bij de componenten in het vat. In vergelijking met een kernreactorvat, waarin het vervangen en op- en neer laten gaan van staven de voornaamste operaties zijn, lijken taken in Iter, dat volgebouwd wordt met geavanceerde techniek, veel complexer te gaan worden. 

Lees ook

Nieuws brief
* indicates required