Berging Costa Concordia een lastige kluif

Leestijd: 2 minuten

Jan Spoelstra

Nooit eerder voer een cruiseschip van het formaat van de Costa Concordia op de rotsen. ‘De grootste uitdaging van deze bergingsklus zit hem in het formaat van het schip’, bevestigt Hans van Rooij, maritiem consultant en oud-bergingsdirecteur van Smit International. Het 290 meter lange en 35,5 meter brede schip ligt bovendien gevaarlijk te glijden in het slechte weer van een week na de ramp.

In het schip zit nog 2.400 ton zware scheepsbrandstof, tweehonderd ton diesel en enkele tonnen smeerolie – verspreid over zeventien tanks. Boskalis-Smit heeft de opdracht gekregen om de brandstof uit het schip te pompen. Hiertoe wordt de zogenaamde hot-tap technologie toegepast. Bergers boren bovenin de brandstoftanks een gat en voorzien deze gelijktijdig van een afsluitklep. Een tweede, soortgelijke afsluiter onderin de brandstoftank laat water binnen en voorkomt het vacuüm dat ontstaat wanneer men langs het bovenste gat de brandstof naar buiten pompt. Scheepsbrandstof is visceus en daarom wordt via een derde afsluitklep (vlakbij de bovenste) stoom in de tank geblazen die de olie opwarmt en verpompbaar maakt. ‘Beproefde technologie, die zowel boven als onder water werkt. Die brandstof komt er wel veilig uit, daar heb ik alle vertrouwen in’, aldus de oud-bergingsdirecteur. Boskalis-Smit denkt dat de operatie twee tot vier weken in beslag neemt.

‘Ik kan me geen vergelijkbare berging herinneren’, antwoordt Van Rooij op de vraag hoe uitzonderlijk het is dat zo’n groot schip vergaat. ‘Het enige dat er op lijkt, is de in 1987 geborgen Herald of Free Enterprise en de in 1981 geborgen Leonardo da Vinci.’ Wat deze passagiersschepen gemeen hebben met de Costa Concordia is dat ze kort na hun ondergang op de zijkant lagen. Bij de berging van deze schepen besloot Smit destijds de schepen recht te trekken via in de zeebodem geslagen heipalen. Van Rooij: ‘Dat zal bij dit schip moeilijk worden, gezien de harde rotsbodem. Ook moet de constructie van het schip sterk genoeg zijn om de benodigde grote kantelkrachten op te nemen. Bovendien is niet bekend hoe stabiel en stevig het scharnierpunt waarlangs de Costa Concordia rechtop moet kantelen, op de bodem ligt.’

In 2002 borg Smit de Tricolor, een autoschip met 3.000 auto’s aan boord dat zonk na een aanvaring met een containerschip in Het Kanaal. ‘Die moesten we toen in negen stukken van ongeveer 2.500 ton snijden en met veel moeite omhoog takelen’, herinnert Van Rooij zich. ‘Een klus die moderne kraanschepen met moeite aankunnen en die een jaar in beslag nam. De Costa Concordia weegt 45.000 ton, ga maar na wat een operatie dit gaat worden.’

Lees ook

Nieuwsbrief
* indicates required